Klik hier om de nieuwste flashplayer te downloaden.

Evenementen

Zoek of plaats je evenement

Sport-bedrijven

bedrijven die producten en diensten bieden voor de sport

Registreren

Meld je aan op DigiSport.nl

Instructie videos

Wil je weten hoe de site werkt klik hier!

Sportzoekmachine
doorzoek tal van sportsites

sportarchief \ spelregels


Bridge
I N L E I D I N G T O T H E T B R I D G E S P E L !
1. Een spel bestaat uit 52 kaarten onderverdeeld in 4 kleuren van 13 stuks. Deze worden in oplopende sterkte genoemd: en (de lage kleuren), en (de hoge kleuren). In elke ''kleur'' is de hoogste kaart het aas. Het aas wordt gevolgd door de andere ''honneurs'' (hoge kaarten) koning, vrouw en boer. Van de overblijvende kaarten is de tien de hoogste en de twee de laagste kaart.

2. Etiquette is een belangrijk onderdeel van de bridge-sport. Deze vormen dienen om het spel in een gezellige en aangename sfeer te kunnen laten verlopen, want de emoties kunnen bij bridge soms wel heel hoog oplopen. Om te zorgen dat het spel zo netjes en eerlijk mogelijk wordt gespeeld, zijn er ook uitgebreide spelregels. Die regels moeten natuurlijk worden nageleefd en om ze te handhaven is er bij grotere evenementen en op bridgeclubs vaak een ''scheidsrechter'' aanwezig de zogenaamde wedstrijdleider of arbiter. Deze arbiter hoort al die regels en gebruiken te kennen.

Het zou, in dit bestek, te ver voeren om hier diep op in te gaan. Wij wijzen u slechts op de meest elementaire etiquette- & spelregels waardoor u in elk geval thuis een spelletje zult kunnen gaan spelen. Wij beginnen met enkele regels uit die Bridge etiquette.

3. Bridge speelt men met vieren, waarbij steeds twee mensen een koppel vormen. Gewoonlijk worden deze koppels Noord/Zuid en Oost/west genoemd. De partners nemen tegenover elkaar plaats.

4. Volgens de etiquette wordt het besluit welke paren er gevormd worden, bij een wedstrijdje thuis, bepaald door de kaarten. De spelers met de hoogste kaarten spelen samen en natuurlijk diegenen de de laagste kaarten getrokken hebben ook. Als de hoogte van de kaart gelijk is. Trekken beide spelers bijvoorbeeld een drie dan geldt als hoogste kaart de kaart met de belangrijkste kleur, is dan hoger dan en maar lager dan . Heden wordt er echter vaak in clubverband gespeeld. Daar spelen gewoonlijk vaste koppels met elkaar. Vaste paren kunnen een uitgebreider systeem van afspraken maken. Die afspraken moeten echter ook aan de tegenstanders bekend gemaakt worden. Zij hopen door die afspraken op wedstrijden hoger te scoren. 5. Als u privé met wat kennissen ''n kaartje wilt leggen is het natuurlijk wel zo aardig om iedereen de kans te geven met een wat sterkere speler of speelster een partnerschap te vormen. Fair is het de kaarten de partnerships te laten bepalen. U spreidt daartoe alle kaarten in een lange lijn gesloten over de tafel uit. De spelers mogen allen een kaart kiezen behalve de vier op kop en de vier aan het eind van de lijn. Ook een kaart naast een reeds getrokken kaart en een kaart die per ongeluk is getoond of is omgekeerd is niet toegestaan.

6. Gewoonlijk spelen we bridge in de huiskamer met twee verschillend gekleurde spellen. Diegene die de hoogste kaart getrokken heeft mag zeggen:
a. met welke stok hij wil delen.
b. op welke stoelen zijn partner en hij willen zitten.
Aldus wordt hij de gever van de eerste hand.
Op clubs worden geschudde spellen in boards opgeborgen, zodat iedereen gelijke spellen speelt. De boards mogen tijdens het spelen niet verschoven worden. Enkel de eigen kaarten mogen worden aangeraakt. Zowel bij het begin van ''t spel als vóór het in de boards terugstoppen behoort de hand geteld te worden, zodat u er zeker van bent dat ook de spelers na u met 13 kaarten beginnen. Het is erg vervelend als bij de laatste slagen blijkt dat iemand een kaart te kort komt. Dit gebeurt regelmatig.

7. In de huiskamer worden de gekozen kaarten door de linker tegenstander geschud en daaa aan de rechterzijde neergelegd. De ''dealer'' neemt de kaarten en plaatst ze nu aan zijn rechterkant. Zijn rechter tegenstander moet nu couperen. Die tegenstander pakt een stapeltje kaarten (meer dan 4 en minder dan 49) en legt die voor ''winnaar'', maar laat de ''dealer'' zelf de rest van de kaarten weer op het stapeltje leggen. Hiea kan het delen beginnen.

8. Het delen zelf gebeurt kaart voor kaart. De richting volgt de wijzers van de klok. Terwijl de eerste kaart aan de linker tegenstander gegeven wordt. Als alles goed gegaan is krijgt de gever zelf de laatste kaart. Het is een goed gebruik te wachten met het oppakken van de kaarten tot ze allen gedeeld zijn. In wedstrijdbridge en in clubverband worden de kaarten na gepeeld te zijn gesloten voor de verschillende spelers neergelegd. Dit gebeurt omdat de kaarten straks door een volgende ''tafel'' opnieuw gespeeld gaan worden. Zij moeten dan in daartoe dienende boards worden teruggestopt. Men is verplicht de kaarten in de volgorde waarin ze gespeeld zijn in een lijn over elkaar neer te leggen. De kaarten die door het eigen koppel gewonnen zijn in de richting naar de partner. De kaarten waarvan de slag door de tegenstanders is gemaakt daar kruislings op.

9. Als de spelers hun kaarten gestoken hebben begint de bieding of, zoals de Engelsen zeggen ''de veiling''. Degene die gegeven heeft is de eerste bieder. De tegenstanders bieden tegen elkaar op om een contract te mogen spelen in een troefkleur of in sans atout (zonder troef). Het bieden is de taal van een koppel. Dit bieden geeft de mogelijkheid om informatie over de kaarten aan de partner door te geven. Ieder bod is ontworpen om iets aan de partner over de hand te vertellen, hoge kaarten, een lange kleur, of een gelijkmatige verdeling.

10. Met een ''slechte'' hand zegt een speler gewoonlijk pas. Met een goede kaart opent men de bieding, één in een kleur bijvoorbeeld 1 of 1 . Die bieding geeft gewoonlijk aan welke kleur men graag als troefkleur zou zien. Er wordt van u verwacht dat u meer dan zes slagen haalt als u de bieding begint. Als u 1 biedt, belooft u zeven slagen te maken als troef wordt. Het bieden gaat, evenals het geven, volgens de draairichting van de klok. Elke volgende speler mag een hoger bod doen. De derde achtereenvolgende pas na de laatste bieding stopt ''de veiling''. Het partnerschap dat het laatste (dus hoogste) bod gedaan heeft mag de hand spelen in de door hem of haar bepaalde kleur of in Sans Atout (zonder speciale troefkleur). Diegene van het koppel die de kleur waarin gespeeld gaat worden het eerst genoemd heeft, wordt de leider van dat spel. De partner wordt ''dummy''.

11. Het bieden is op de principes van een veiling bij opbod gebaseerd. Elke speler kan op zijn beurt een bod uitbrengen. Dat bod moet echter hoger zijn dan het voorgaande -of hoger in aantal (na 1 is 2 hoger) of het gelijke aantal slagen maar in een kleur die hoger in rang is.
De rangorde van de kleuren is beginnend bij de laagste: , , en als hoogste in dit rijtje. We eindigen met sans atout (SA). Om de veiling goed te kunnen laten verlopen, is de rang van hoger dan die van alhoewel de waarde van de slagen bij het scoren gelijk is. Als het openingsbod bijvoorbeeld 1 is, kan de volgende speler 1 bieden, omdat een hogere rang heeft dan . Wil hij echter of bieden, de lagere kleuren, dan zou hij/zij op twee niveau moeten bieden. Bij drie keer passen na het laatste bod begint het spelen.

12. Het spel wordt gespeeld door de ''leider''. Dit is diegene die de kleur waarin gespeeld gaat worden het eerst genoemd heeft.

13. De speler ter linkerzijde van de leider komt uit. Men kan uitkomen met elke kaart, maar moet, ter voorkoming van misverstanden, ''gesloten'' uitkomen. Dat wil zeggen men legt de kaart, waarmee begonnen wordt, met de achterkant naar boven op tafel en wacht op een teken van partner voordat men hem omdraait. Hiea gaan alle kaarten van de ''dummy'' open op tafel. Het is de dummy verboden tijdens het spel ook maar iets over de kaarten of het spelen daarvan te zeggen. Doet hij dit toch dan is dat erg onbeleefd. Dat kan bij wedstrijdbridge zelfs bestraft worden. Ná het spel mag hij echter op onregelmatigheden wijzen.

14. De leider speelt twee handen, zowel die van hemzelf als die van de dummy (in Nederland ook wel eens blinde genoemd) de verdedigers spelen ieder hun eigen hand en het is niet de bedoeling dat iemand de beeldzijde van de ongespeelde kaarten van de andere drie spelers ziet.

15. Op hun beurt volgen de spelers de gevraagde kleur en vier kaarten vormen een slag. Die slag wordt gewonnen door het koppel dat de hoogste kaart in die kleur heeft bijgespeeld. De spelers zijn verplicht kleur te bekennen, als men de voorgespeelde kleur echter niet meer heeft, kan er iets anders weggegooid worden of kan men troeven {die slag wordt dan door de (hoogste)troef gewonnen}.

16. Diegene die de eerste slag gewonnen heeft komt uit voor de volgende slag en de winnaar daarvan komt weer uit voor de derde tot alle dertien slagen gespeeld zijn. De leider verzamelt bij een thuis gespeeld spel de slagen die door zijn koppel gewonnen zijn en de verdedigers de hunne. Als het paar uit een dame en een heer bestaat, gebiedt de etiquette dat de heer de slagen opraapt en voor zich verzamelt.

17. Aan het einde van het spel worden de slagen geteld en wordt bekeken of het contract gemaakt dan wel down (verloren) gespeeld is. Men telt de over- of de downslagen. Elke situatie geeft recht op een bepaald aantal punten. Voor robberbridge geldt een andere puntentelling dan bij wedstrijdbridge.

18. Er zijn verschillende mogelijkheden om te tellen. Wij leren de telling van wedstrijdbridge voor paren. Deze telling wordt op de meeste bridgeclubs gebruikt. In robberbridge, dat in de huiskamer, het spannendste is, wordt gestreden welk koppel er het eerst twee ''games'' (twee keer 100 punten onder de streep) gemaakt heeft.

19. In robberbridge wordt een ''game'' gewonnen door diegene die het eerst 100 punten beneden de lijn van het scoreblokje heeft. Heeft u de game gewonnen dan wordt u kwetsbaar. Als u kwetsbaar down gaat verliest u meer punten. Onder die lijn worden alleen de geboden en gemaakte slagen geschreven boven de lijn komen de slagen + overslagen en de bonussen te staan. Als een contract down gespeeld wordt, krijgt slechts het tegen spelende paar punten en wel boven de lijn. Ook in de huiskamer kunt u wedstrijd-tellingen gebruiken. Op onze club zijn daarvoor speciale vellen à 10 cent per stuk te koop. De kwetsbaarheid rouleert dan als volgt: Niemand kwetsbaar, noord-zuid kwetsbaar, oost west kwetsbaar, allen kwetsbaar.

20. Een slag in of (de hoge kleuren genoemd) levert u 30 punten op. en (de lage kleuren) 20 punten. Sans atout heeft een bijzonder privilege de eerste slag daarvan betaalt 40 punten maar elke volgende 30 net als bij en .

21. Bepaalde contracten geven recht op premies. Deze premies verschillen afhankelijk van de kwetsbaarheid. Of u al dan niet kwetsbaar bent wordt op het board waarin de kaarten zijn opgeborgen aangegeven. Op de boards van de Looier is dat een rood vakje voor kwetsbaar en een wit voor niet kwetsbaar.

22.
Gehaalde deelcontracten: leveren een premie van 50 punten op.
Manche contracten: geven premies van 300 of 500 punten afhankelijk van de kwetsbaarheid.
Slams: Premies van 750, 1000, 1250 of 1500 punten afhankelijk van de kwetsbaarheid en of er klein dan wel groot slam is uitgeboden en gemaakt. Voor groot slam dient u alle slagen te halen, bij klein slam mag u er één missen. De scores staan op de achterkant van de biedkaartjes die wij gebruiken vermeld.

23. Om een manche (game) te maken moet een speler genoeg slagen maken om de 100 of meer punten te bereiken. Dat kan op drie manieren gebeuren.
a. Met 3 SA; 3 slagen meer dan 6 = is 9 slagen halen. Opgeteld 40+30+30=100 punten.
b. Met 4 of ; 4 slagen meer dan 6 = 10 slagen opgeteld 30+30+30+30=120 punten.
c. Met 5 of ; 5 slagen meer dan 6 = 11 slagen op geteld 5 x 20 pnt = 100 punten.
Bij een contract dat 100 of meer punten scoort krijgt u de manchepremie. U dient dat contract dan natuurlijk wel te halen. In wedstrijdbridge dient u zo''n contract in een keer te bieden en te maken om die premie binnen te brengen. In robberbridge worden de geboden en gehaalde punten onder de lijn genoteerd en mag u die 100 punten in verschillende spellen bij elkaar sprokkelen. Onder de lijn tellen alleen de punten die geboden zijn. Voor 2SA +1 krijgt u dus 70 punten onder en 30 punten boven de lijn.

24. In robberbridge wordt een wedstrijd gewonnen als er twee games gehaald zijn door één van de koppels. Als de tegenpartij in die tijd geen eigen game scoort krijgt u, behalve de bonus van 500 punten voor het winnen van de wedstrijd nog 200 bonuspunten extra. Deelscores onder de lijn worden direct opgeteld. Voorbeeld: 2 Geboden en precies gemaakt scoort onder 2 x 30 = 60 punten en boven de lijn ook 60 punten + een bonus van 50 punten voor het gemaakte contract. Het is dan voldoende om de game te halen als u, in het volgende spel 1SA (40 punten) haalt. In wedstrijdbridge moeten games in één keer uitgeboden worden.

25. In robberbridge wordt iemand ''kwetsbaar'' op het moment dat hij /zij een game hebben gescoord. De tegenstanders verliezen op dat moment elke deelscore die zij onder de lijn gescoord hadden. Beide kanten starten onder de lijn weer bij 0 om opnieuw te proberen die 100 punten onder de lijn te scoren. De deelscores blijven wel meetellen bij een eventuele eindafrekening. Men telt dan de punten boven de lijn. De kwetsbaarheid in wedstrijdbridge wordt automatisch geregeld.

26. Alle punten die gehaald worden boven het geboden contract worden bij robberbridge eveneens boven de lijn op het scoreblok geschreven. Zij tellen niet mee voor het behalen van een game of robber, maar ze worden wel bij de eindafrekening in de telling meegenomen. Men kan dan bepalen met hoeveel punten men een partij gewonnen heeft. Speelt men om geld dan bepaalt dit verschil hoeveel het ene paar het andere moet betalen.

27. Boven de lijn schrijft u slagen, ''overslagen'' (aantal slagen boven het gecontracteerde aantal) en bonussen. Ook worden de downslagen van de tegenpartij bij de eigen score boven de lijn geteld. Elke niet kwetsbare downslag telt 50 punten voor de tegenpartij. Kwetsbaar krijgen de tegenstanders zelfs 100 punten per downslag.

28. De kant die het eerst twee games maakt wint de robber. Als de tegenpartij kwetsbaar is (zij moeten dan ook een keer 100 punten onder de lijn gescoord hebben) krijgt het winnende koppel 500 punten. Als ze niet kwetsbaar zijn is de premie 700 punten. Als er om geld gespeeld wordt, betalen de verliezers het verschil tussen de optelling van alle scores boven de lijn. Het is makkelijk om de prijs per 100 punten af te spreken (tien cent per 100 punten is momenteel bijvoorbeeld in Societeit ''De Kring'' op het Leidseplein gebruikelijk).

29. U schrijft de scores bij robberbridge op een zogenoemd scoreblok, waarvan u hierboven een voorbeeld ziet. Beide partijen noteren, opdat er geen vergissingen worden begaan. Zowel de eigen, als de scores van de tegenstanders worden geboekstaafd. Het blok is daartoe verdeeld in twee vertikale kolommen de wij en de zij kolom. De horizontale lijn op 2/3e van de bovenkant van het blok is de lijn waaronder de punten voor gecontracteerde slagen die gemaakte zijn worden geschreven. Boven de lijn schrijft u alle punten.
Behalve de genoemde scores zij er nog mogelijkheden om te dubbelen, te redubbelen en net als bij klaverjassen, worden er ook punten boven de lijn geteld voor een 4- (100) of een 5-kaart (150 punten boven de lijn) in een kleur. Als men een Sans Atout speelt en u heeft alle azen in handen dan scoort dat boven de lijn 150 punten extra. Als u 6 of 7 in een kleur of in Sans Atout biedt, krijgt u bonussen van respectievelijk 500 of 1000 punten als u niet kwetsbaar bent of 750 of 1500 kwetsbaar. In het laatste geval heeft u al een game onder de lijn staan. Overigens kunt u deze scores vinden op de bridgekaart die in de meeste kaartspellen zitten.
U heeft nu de basis hoe bridge gespeeld wordt en hoe de puntentelling luidt. Het zal echter niet meevallen om zonder biedsysteem in de goede contracten te komen. In de volgende hoofdstukken gaan we u een biedmethode aan de hand doen om de kaarten die uw partner bezit te weten te komen. We zullen dan ook het dubbelen en redubbelen behandelen waardoor de scores excessief kunnen stijgen.

Bridgeles: Cursus Looier Systeem

Maandag 4 september starten wij de nieuwe bridge-lessen voor beginners. Wij geven nog slechts twee cursussen per jaar: Eén van september t/m januari en één van januari t/m mei. Ons boeiende biedsysteem staat garant voor een uitermate interessante ervaring. U zult een geheel nieuwe kijk op bieden ontwikkelen. Bovendien kunt u dan toetreden tot het selecte gezelschap dat het Looier Systeem op de maandagavond beoefent. Kom ook op les, wordt lid van deze bijzondere club! U zult er geen spijt van krijgen.

Alles wat in onze twee cursussen onderwezen wordt vind u op de volgende systeemkaart:
SYSTEEMKAART ....................... ....................... & ............................ .......................
BASIS: HET LOOIER SYSTEEM N.B.Lengtepunten worden altijd meegeteld.
Hoge/lage kleur 12-15, lage/hoog kleur 16-19 punten (canapé''s)
3e Hands openingen kunnen extra zwak zijn. Aanmaak datum: 28 augustus 2000


Volgbiedingen:
Informatie dubbel / Uitkomstdubbel;
Intermediate sprongvolgbod;
Dubbel sprongvolgbod = Verdi transfer t/m 3 .
2NT = 2 vijfkaarten 12+ punten één kleur bekend;
Cue-bod = 16+ punten gewoonlijk minimaal twee vierkaarten;
Brozel na opening van 1NT;

Verdedigingen:
Verdediging tegen zwakke twee: Hackett (3 15 pnt maxim., 3 16 pnt minimaal)
Verdediging tegen Multi 2 : Looier Multi Destructor
Verdediging tegen preëmptief: Fishbein (dubbel=straf, opvolg. kleurbod info!)

Verdediging tegen volgbiedingen van de tegenpartij:
Opening in , , door partner -Doublet, -Redoublet 7 of 10 punten
(Logjes)
Opening in , , door partner -Doublet, -Pas = Relay 8 of 9 punten
Opening in , , door partner -Tot 2 in kleur partner -Pas 8/9, doubl. 7 of 10
(Logjes)
Opening in door partner -Doublet, -Redoublet = vanaf 6 pnt met troefsteun;
Opening in door partner, -Kleurbod -Opv. kleur = forcing relay
Opening in kleur door partner -1NT, -2 / 2 = forcing relay
1NT door partner -Kleurb. op 2 hoogte, -2NT t/m 3 transferbod;
''Onmogelijke transfer.'' vraagt
stop, of biedt andere hoge 4krt
aan;
Opvolgend kleurbod op kleur tegenstanders = informatief

Slamonderzoek:
4 = De Looier Slamconventie;
4NT = KRO;
Dopi / Ropi

Uitkomsten:
Tegen NT: 4e van boven / Joualist / Top of nothing.
Tegen troef: Laag is inviterend, singleton, Joualist leads.
In partners kleur: Hoogste, behalve van A of H in 3-kaart dan laagste.

Signalen: Laag afwijzend, hoog inviterend;
Lavinthal;
Distributie bij lange kleur in dummy.


Alles wat in onze eerste cursus onderwezen wordt vind u op deze eenvoudiger systeemkaart:
SYSTEEMKAART ....................... ....................... & ............................ .......................
BASIS: HET LOOIER SYSTEEM N.B.Lengtepunten worden altijd meegeteld.
Hoge/lage kleur 12-15, lage/hoog kleur 16-19 punten (canapé''s)
3e Hands openingen kunnen extra zwak zijn. Aanmaak datum: 28 augustus 2000

OPENINGEN :

ANTWOORDEN :

1 : 12 -19 pnt kan renonce zijn
1 : 12 -19 pnt 4-krt minimaal
1 : 12 -19 pnt 4-krt minimaal
1 : 12 -15 pnt 4-krt minimaal
1NT: 16 -19 pnt NT verdeling

1 Vraagbod (Relay) 8pnt; elk ander bod <8 pnt
1 Vraagbod (Relay) 8pnt; elk ander bod <8 pnt
1 Vraagbod (Relay) 8pnt; elk ander bod <8 pnt
2 Relay 8pnt; elk ander bod <11 punten
2 Looier-Stayman variant
2 , 2 , 2 , 2NT zijn transfers

2 : 22+; lekke NT/zw 2 /8+slg.
2 : 8 sl. in /22-23 NT / zw .
2 : 8 sl. in /24-25 NT / zw .
2 : 8 sl. in /26-27 NT / zw .
2NT: 20-21 4 kleuren gedekt.

2 minder dan 18 punten
2 minder dan 18 punten
2 minder dan 18 punten
3 minder dan 18 punten
3 = Niemeyer t/m 3NT

3 : Verdi (transfer) / 28-29 NT
3 : Verdi (transfer) / 30-31 NT
3 : Verdi (transfer) / 32+ NT
3 : gambling 3NT
3NT: Gambling 3NT met één opvang

3 minder dan 18 punten
3 minder dan 18 punten
3 minder dan 18 punten
3NT to play / 4 converteerbaar
pas / 4 converteerbaar


Volgbiedingen:
Informatie dubbel / Uitkomstdubbel;
Intermediate sprongvolgbod;
Dubbel sprongvolgbod = Verdi transfer t/m 3 .
Cue-bod = 16+ punten gewoonlijk minimaal twee vierkaarten;

Verdediging tegen volgbiedingen van de tegenpartij:
Opening in , , door partner -Doublet, -Pas is forcing relay
elk ander bod is stopbod
Opening in , , door partner -Tot 2 in kleur partner -Pas is forcing relay
elk ander bod is stopbod
Opening in door partner -Doublet, -Redoublet = vanaf 6 pnt met troefsteun;
Opening in door partner, -Kleurbod -Opv. kleur = forcing relay
Opening in door partner -1NT, -2 = forcing relay
Opening in , , door partner -1NT, -2 / 2 = forcing relay
1NT door partner -Kleurb. op 2 hoogte, -Opvolgend kleurbod = informatief

Slamonderzoek:
4 = De Looier Slamconventie;
4NT = KRO;

Uitkomsten:
Tegen NT: 4e van boven / Top of nothing.
Tegen troef: Laag is inviterend, singleton.
In partners kleur: Hoogste, behalve van A of H in 3-kaart dan laagste.

Signalen met bijspelen: Laag afwijzend, hoog inviterend;
Signalen bij bij niet bekennen: Vuil weggooien
');




Emailadres:
Wachtwoord:
aanmelden

DigiSport.nl doorzoeken   



© 2007 by Cognito Concepts
Contact | Voorwaarden | Disclaimer |